Als je borstvoeding geeft, kun je niet even op de zijkant van een flesje kijken hoeveel milliliter je baby heeft gedronken. Zeker in de eerste dagen en weken kan dat best onzeker maken. Drinkt mijn baby wel genoeg? Heb ik voldoende moedermelk? En hoe weet ik eigenlijk of mijn baby verzadigd is?
Dit zijn vragen die veel moeders bezighouden. Gelukkig hoef je niet precies te weten hoeveel milliliter je baby tijdens iedere voeding drinkt. Er zijn andere signalen die veel meer vertellen. Denk aan de manier waarop je baby drinkt, natte luiers, gedrag en – heel belangrijk – de groei over een langere periode.
In deze blog leg ik uit waar je op kunt letten en wanneer het verstandig is om extra hulp te vragen.
Je kunt aan de borst geen milliliters aflezen
Wanneer je een flesje geeft, zie je precies hoeveel melk erin zit en hoeveel er na de voeding overblijft. Bij borstvoeding werkt dat anders.
En eigenlijk hoeft dat geen probleem te zijn. Baby's drinken niet tijdens iedere voeding exact dezelfde hoeveelheid. De ene voeding kan groter zijn dan de andere en ook hoe vaak je baby wil drinken kan gedurende de dag en naarmate je baby ouder wordt veranderen.
Probeer daarom niet iedere voeding afzonderlijk te beoordelen. Het is veel nuttiger om naar het totaalplaatje te kijken.
1. Kijk en luister hoe je baby drinkt
Een van de eerste dingen waar je op kunt letten, is de voeding zelf. Aan het begin van een voeding zie je vaak eerst snellere zuigbewegingen. Wanneer de melk begint te stromen, worden de zuigbewegingen doorgaans langer en ritmischer en kun je je baby zien of horen slikken. Een baby die effectief drinkt, oogt tijdens het drinken vaak rustig en heeft doorgaans ronde wangen.
Je hoeft daarbij niet voortdurend te tellen hoe vaak je baby slikt. Let vooral op het patroon:
- Zie of hoor je regelmatig slikken?
- Zie je diepe, ritmische zuigbewegingen?
- Blijft je baby goed aangehapt?
- Voelt de voeding voor jou comfortabel?
- Ontspant je baby gedurende de voeding?
Een voeding hoeft bovendien niet een bepaald aantal minuten te duren om 'goed' te zijn. De ene baby drinkt sneller dan de andere en ook bij dezelfde baby kan de duur per voeding verschillen.
2. Natte luiers vertellen je veel
Een heel praktische aanwijzing is wat je gedurende de dag in de luiers aantreft. In de eerste weken worden ongeveer zes natte luiers per 24 uur vaak gebruikt als een belangrijke aanwijzing dat een baby voldoende vocht binnenkrijgt. Ook de ontlasting geeft in de eerste periode informatie over hoe de voeding verloopt.
Daar zit wel een belangrijke nuance bij. In de allereerste dagen na de geboorte bouwt het aantal natte luiers zich nog op. Je hoeft dus niet vanaf dag één zes kletsnatte luiers te verwachten.
Ook het ontlastingspatroon verandert naarmate je baby ouder wordt. Baby's die volledig borstvoeding krijgen, kunnen na verloop van tijd veel minder vaak ontlasting hebben dan in de eerste weken. Kijk daarom altijd naar de leeftijd van je baby en vooral naar het totaalbeeld.
3. Hoe gedraagt je baby zich na de voeding?
Ook het gedrag van je baby kan informatie geven. Een baby die tijdens de voeding rustig drinkt, daarna zelf de borst loslaat en na veel voedingen tevreden en ontspannen lijkt, laat daarmee positieve signalen zien.
Maar hier ontstaat ook vaak onzekerheid. Een baby die kort na een voeding opnieuw wil drinken, heeft niet automatisch te weinig moedermelk gekregen.
Baby's drinken niet volgens een perfect vast schema. Vooral in bepaalde perioden kunnen verschillende voedingen relatief kort achter elkaar komen. Ook behoefte aan nabijheid en comfort kan een rol spelen. Kijk daarom niet naar één onrustig moment of één korte voeding, maar naar het patroon over de hele dag.
4. Groei zegt meer dan één afzonderlijke voeding
Misschien wel de belangrijkste objectieve aanwijzing is hoe je baby groeit. Het is normaal dat een pasgeboren baby na de geboorte eerst wat gewicht verliest. Daarna wordt de ontwikkeling onder andere gevolgd door de kraamzorg en later het consultatiebureau.
Een baby die voldoende natte luiers heeft, levendig is én zich qua gewicht en groei goed ontwikkelt, geeft daarmee belangrijke signalen dat de voeding voldoende is.
Daarom heeft het weinig zin om jezelf na één korte voeding af te vragen:
"Heeft mijn baby nu 70 of 100 ml gedronken?"
De ontwikkeling over meerdere dagen en weken vertelt veel meer.
Mijn borsten voelen ineens zachter. Heb ik dan minder melk?
Dit is iets waar moeders regelmatig onzeker van worden. In de eerste periode kunnen je borsten voller aanvoelen en kun je duidelijk merken wanneer er langere tijd tussen voedingen zit. Wanneer vraag en aanbod zich steeds beter op elkaar afstemmen, kunnen je borsten zachter gaan voelen.
Dat betekent op zichzelf niet dat je ineens onvoldoende melk produceert. Hetzelfde geldt voor het niet meer lekken van moedermelk of het minder duidelijk voelen van je toeschietreflex. Zulke veranderingen zijn op zichzelf geen betrouwbare manier om te bepalen hoeveel melk je baby binnenkrijgt.
Kijk opnieuw naar het grotere geheel: drinken, slikken, luiers, gedrag en groei.
"Ik kolf maar 50 ml. Betekent dat dat mijn baby ook maar 50 ml drinkt?"
Nee, die conclusie kun je niet zomaar trekken. En dit vind ik een belangrijke, omdat ik merk dat juist kolven veel onzekerheid kan veroorzaken.
Stel dat je voor het eerst een borstkolf gebruikt en er na een kolfsessie 40, 50 of 60 ml in de opvangcup zit. Het is heel verleidelijk om vervolgens te denken:
"Zie je wel, ik heb te weinig melk."
Maar een borstkolf en een drinkende baby zijn niet hetzelfde. Hoeveel je kolft kan onder andere verschillen per moment van de dag, hoe lang het geleden is dat je baby heeft gedronken, hoe gemakkelijk je melk op dat moment toeschiet en hoe effectief de kolf voor jou werkt. Ook comfort, een juiste maat borstschild en gewenning aan kolven kunnen een rol spelen.
De hoeveelheid in je kolfcup is daarom geen betrouwbare meting van hoeveel melk je baby tijdens een rechtstreekse voeding uit je borst kan drinken.
Herken je deze onzekerheid? Lees dan ook waarom sommige moeders minder melk kolven dan verwacht .
Moet ik na iedere voeding kolven om te controleren hoeveel melk ik heb?
Nee. Een borstkolf kan om allerlei redenen ontzettend handig zijn: bijvoorbeeld wanneer je moedermelk wilt bewaren, weer gaat werken, een voeding wilt laten overnemen of volledig of gedeeltelijk wilt kolven.
Maar een kolf is niet bedoeld als meetinstrument om na iedere voeding te controleren of je voldoende melk produceert. Sterker nog: als je voortdurend gaat kolven om jezelf gerust te stellen, kan het aantal milliliters juist een nieuwe bron van onzekerheid worden.
Wanneer je wél gaat kolven, probeer dan vooral te kijken naar wat past bij jouw situatie. Lees bijvoorbeeld meer over hoe vaak je moet kolven of gebruik onze keuzehulp om te bepalen welke borstkolf bij jou past .
Wat als mijn baby ineens veel vaker wil drinken?
Ook dit betekent niet automatisch dat je melkproductie onvoldoende is. Er zijn perioden waarin baby's veel vaker om de borst kunnen vragen. Soms zitten verschillende voedingen heel dicht op elkaar. Dat kan behoorlijk intensief zijn, zeker wanneer je gewend was geraakt aan langere tussenpozen.
Borstvoeding werkt grotendeels volgens vraag en aanbod. Wanneer melk regelmatig uit de borst wordt verwijderd, krijgt je lichaam signalen om melk te blijven produceren.
Probeer daarom niet automatisch te concluderen dat vaak drinken hetzelfde is als te weinig melk.
Wat zegt mijn kolfopbrengst dan wél?
Je kolfopbrengst kan vooral nuttige informatie geven wanneer je naar je eigen patroon over langere tijd kijkt. Als je bijvoorbeeld regelmatig op ongeveer hetzelfde moment kolft, kun je na verloop van tijd beter herkennen wat voor jou gebruikelijk is. Een enkele kolfsessie met minder opbrengst hoeft daarbij niet direct iets te betekenen.
Zie je gedurende langere tijd een duidelijke verandering? Kijk dan onder andere naar de pasvorm van je borstschild, slijtage van kolfonderdelen, je kolfroutine en hoe comfortabel je kolft.
Ook ontspanning kan een rol spelen. Sommige moeders vinden bijvoorbeeld zachte borstmassage tijdens borstvoeding en kolven prettig om onderdeel te maken van hun voedings- of kolfroutine.
Wanneer moet je wél om hulp vragen?
Geruststelling is fijn, maar ik vind het bij dit onderwerp minstens zo belangrijk om duidelijk te zijn over wanneer je niet alleen op internet moet blijven zoeken.
Neem contact op met je verloskundige, kraamverzorgende, het consultatiebureau, een lactatiekundige of arts wanneer je je zorgen maakt over hoeveel je baby drinkt.
Vraag in ieder geval deskundig advies wanneer:
- je baby duidelijk minder natte luiers heeft dan passend is bij de leeftijd;
- je baby moeilijk wakker te krijgen is voor voedingen;
- je baby niet goed lijkt te drinken of nauwelijks slikt;
- je baby niet goed groeit of gewicht verliest buiten wat in de situatie verwacht wordt;
- voeden pijnlijk blijft of aanleggen niet goed lijkt te gaan;
- je zelf sterk het gevoel hebt dat er iets niet klopt.
Je hoeft niet eerst te wachten totdat je zeker weet dat er een probleem is. Bij twijfel mag je altijd iemand laten meekijken.
Probeer niet iedere voeding in cijfers te vangen
Dat is uiteindelijk misschien wel het belangrijkste dat ik uit deze blog wil meegeven. Bij borstvoeding heb je geen display waarop na iedere voeding verschijnt:
"92 ml gedronken ✓"
En dat kan in het begin best wennen zijn. Probeer vertrouwen daarom niet alleen uit milliliters te halen. Kijk naar je baby. Luister naar het drinken. Houd de natte luiers in de gaten en kijk naar de ontwikkeling en groei over langere tijd.
En als je twijfelt, vraag iemand met verstand van borstvoeding om met je mee te kijken. Dat geeft uiteindelijk veel meer informatie dan één getal op een flesje of opvangcup.
Veelgestelde vragen over voldoende moedermelk
Veel moeders vragen zich af of hun baby voldoende moedermelk binnenkrijgt. Hieronder beantwoordt Elles een aantal veelgestelde vragen.
Hoe weet ik of mijn baby genoeg moedermelk krijgt?
Kijk niet alleen naar één voeding, maar naar het totaalplaatje. Belangrijke aanwijzingen zijn effectief drinken en slikken, voldoende natte luiers, een levendige baby en een goede groei. Twijfel je hierover, neem dan contact op met je verloskundige, kraamverzorgende, het consultatiebureau of een lactatiekundige.
Hoeveel natte luiers heeft een baby die borstvoeding krijgt?
Het aantal natte luiers bouwt zich in de eerste dagen na de geboorte op. In de eerste weken geldt ongeveer zes natte luiers per 24 uur als een belangrijke aanwijzing dat je baby voldoende binnenkrijgt. Houd er rekening mee dat de leeftijd van je baby hierbij belangrijk is.
Betekent vaak willen drinken dat ik te weinig moedermelk heb?
Nee, niet automatisch. Baby's kunnen in bepaalde perioden vaker willen drinken en meerdere voedingen kort achter elkaar vragen. Kijk daarom niet alleen naar de frequentie, maar ook naar het drinken zelf, de luiers, het gedrag en de groei van je baby.
Kan ik met een borstkolf controleren hoeveel moedermelk ik heb?
De hoeveelheid die je tijdens één kolfsessie afkolft, is geen betrouwbare meting van je totale melkproductie of van hoeveel je baby rechtstreeks uit de borst kan drinken. Je kolfopbrengst kan per moment en per moeder verschillen.
Mijn borsten voelen zachter. Heb ik dan minder melk?
Zachtere borsten betekenen op zichzelf niet dat je te weinig moedermelk produceert. Je borsten kunnen na verloop van tijd anders gaan aanvoelen wanneer vraag en aanbod beter op elkaar zijn afgestemd. Kijk vooral naar de signalen van je baby en de groei.
Mijn baby wil na de voeding alweer drinken. Heeft mijn baby dan niet genoeg gehad?
Niet noodzakelijk. Baby's kunnen in bepaalde perioden vaak en kort na elkaar willen drinken. Eén korte periode tussen twee voedingen is daarom geen bewijs dat je baby onvoldoende melk krijgt. Kijk naar het volledige voedingspatroon, de natte luiers en de groei.
Wanneer moet ik hulp vragen bij borstvoeding?
Vraag deskundige hulp wanneer je twijfelt of je baby voldoende drinkt, duidelijk minder natte luiers heeft dan verwacht, moeilijk wakker wordt voor voedingen, niet effectief lijkt te drinken of wanneer de groei zorgen geeft. Neem bij twijfel liever eerder dan later contact op met een zorgprofessional.
Over de auteur – Elles Jannink-Baak
Elles Jannink-Baak schrijft voor Youha vanuit haar ervaring als moeder en haar dagelijkse betrokkenheid bij vragen rondom borstvoeding en kolven. In gesprekken met moeders merkt ze regelmatig dat juist de hoeveelheid moedermelk voor onzekerheid kan zorgen.
“Wat ik moeders vooral wil meegeven, is dat je niet één voeding of één kolfsessie als rapportcijfer moet zien. Als je 50 ml kolft, zegt dat niet automatisch hoeveel je baby aan de borst kan drinken. Kijk naar het totaalplaatje: hoe je baby drinkt, de luiers, hoe je baby zich gedraagt en hoe de groei verloopt. En blijf je twijfelen, laat dan vooral iemand deskundig meekijken.”
Liefs,
Elles Jannink-Baak
Youha ervaringsdeskundige & productspecialist
